Abortus ABC - P -
PARACERVICALE
ANESTHESIE
Verdoving van de baarmoederhals links en recht wanneer de
abortus via een zuigcurettage wordt uitgevoerd.
PENETRATIE
Dit is de geslachtsgemeenschap, waarbij de man zijn penis in de
vagina van de vrouw inbrengt.
PERIODIEKE
ONTHOUDING
Tijdens de cyclus zijn er 6 vruchtbare dagen : de dag van de
ovulatie en de 5 dagen die daaraan voorafgaan. Het probleem is
dat de dag van de eisprong niet zo gemakkelijk te voorspellen
is.
Het risico van zwangerschap na één at random coïtus is 3 à 5%.
In de studie van Dr. Wilcox is de kans op bevruchting alleen
gedurende de EERSTE 3 DAGEN van de cyclus verwaarloosbaar. Op
dag 7 is de kans op bevruchting na coïtus al 2%, op dag 13 wordt
een piek van 9% bereikt. Daarna daalt het risico maar blijft
toch ongeveer 1%, zelfs tot dag 40 !
Bij
periodieke onthouding
beslist het koppel om niet te vrijen gedurende de vruchtbare
periode. De eisprong vindt steeds plaats 14 dagen voor de
volgende maandstonden. Bij onregelmatige menstruaties worden de
berekeningen ERG MOEILIJK.
Spermatozoïden overleven gemiddeld 3 à 4 dagen, maar als het
cervixslijm uitzonderlijk is, kan dit wel eens oplopen tot 7
DAGEN ! Meestal aanvaard men 5 dagen als maximale overleving.
Een eitje blijft maximum 24u leven. Een combinatie van
kalendermethode, temperatuurmethode en Billingsmethode (slijm)
geeft betere resultaten.
Kalendermethode : je moet gedurende MINSTENS 6 MAANDEN je
spontane cycli noteren (correctheid van 80% voor de volgende
cycli, correctheid van 90% na 12 maanden).
L = is het aantal dagen van de langste cyclus.
K = is het aantal dagen van de kortste cyclus.
De vruchtbare periode waar betrekkingen verboden zijn = K-20 tot
L-10.
Hoe onregelmatiger de cycli, hoe minder dagen dat je mag vrijen.
Vb. K = 25 en L = 30 : betrekkingen verboden van dag 5 (25-20)
tot dag 20 (30-10).
PESSARIUM
Dit is een rubber kapje, met een metalen veer in de rand dat de
vrouw voor het vrijen boven in de vagina aanbrengt, waar het de
baarmoedermond afsluit. Het houdt het sperma tegen, waardoor er
geen zaad in de baarmoeder komt. Omdat elke vrouw een andere
maat heeft, moet dit wel aangemeten door een arts (je huisarts
of een arts van het abortuscentrum).
PROGESTERON
Deze stof maakt het lichaam zelf aan om de ontwikkeling en
innesteling van de bevruchte eicel te bevorderen.
PROSTAGLANDINES
Prostaglandines dienen tijdens het tweede bezoek aan het
abortuscentrum of het ziekenhuis ingenomen te worden wanneer de
zwangerschap via de abortuspilmethode wordt afgebroken. Zij
brengen het samentrekken van de baarmoeder op gang, waardoor
afstoting van het vruchtzakje bevorderd wordt
|